Lieve DWARS –ers,
Ik weet het! Het is kerstvakantie. De tijd van het jaar waarin zelfs bestuursleden mogen genieten van rust, oliebollen, overvloed aan drank en zich weer mogen bewegen in hun familie en vriendenkring.
Jammer genoeg heeft DWARS mij gevormd tot een workaholic die zelfs tijdens de kerstvakantie iedere dag de Groenlinks -site checkt.
Onder de noemer “Terug naar toen” gaf Groenlinks ons op haar website een kijkje in haar archieven. In oude campagnespots en reportages kunnen we Kees Vendrik betrappen op een “Doe Maar” kapsel en zien we Femke met lang haar achter een “retro I -MAC” zitten werken.
Naast de uiterlijke veranderingen van de kamerleden, was er ook een duidelijk contrast te bespeuren tussen het Groenlinks van toen en nu. Tijdens het bekijken van de filmpjes werd het mij nogmaals duidelijk welke “make –over” Groenlinks heeft doorstaan.
Waar Groenlinks vandaag de dag de progressiviteit zoekt in de strijd voor vrijheid van het individu, zocht Groenlinks in den beginne haar progressiviteit in vergaande solidariteit. Paul Rosemöller definieert in een van de filmpjes “progressieve politiek” als politiek met zorg voor elkaar en het milieu. Politiek waarin basiszekerheid centraal staat en voor iedereen een basis vormt voor individuele vrijheid. Een erg mooi uitgangspunt als je het mij vraagt.
Individuele vrijheid is een groot goed. Zeker binnen de conservatieve politieke koers van vandaag de dag. Gelukkig is Groenlinks de politieke partij die voorop loopt in deze discussie. Echter, moet de vrijheid van het individu ten koste gaan van andere belangrijke zaken?
Het is de vraag of iedereen op gelijke wijze in staat is om zijn of haar vrijheid optimaal te benutten. Kan iedereen zich optimaal ontwikkelen als het volgen van onderwijs hoge kosten met zich meebrengt? Is iedereen in staat de zorg te vragen die nodig is, als het niet duidelijk is hoe de zorgvraag gesteld moet worden en waar? Mag iedereen de keuze maken om te vervuilen als degene de vervuiling het kan afkopen en de gevolgen van de vervuiling iedereen treffen?
Kortom, individuele vrijheid is er niet zomaar. Als samenleving moeten we er samen voor zorgen dat iedereen zijn benodigde vrijheid heeft en deze optimaal kan benutten. Om individuele vrijheid mogelijk te maken zijn er vanuit de overheid steunpilaren nodig die de vrijheden van het individu ondersteunen. Beleid en wetgeving moet niet alleen gevormd worden vanuit het beeld van een “brave middenklasse burger”, maar vanuit een bewustzijn van de verschillende groepen in onze samenleving, toekomstige generaties, dier en milieu.
Binnen de hedendaagse politiek is individuele belangenbehartiging centraal komen te staan. Ouderen verdedigen met hard en ziel het ontslagrecht en pre pensioen, studenten rennen rondjes rond de tweede kamer voor behoud van “hun” basisbeurs, het CDA en de Christenunie proberen eindelijk een “Civil society” tot stand te laten komen, Wilders komt op voor “zijn landgenoten” en zelf dieren hebben nu hun eigen politieke partij. Deze verschillen in vertegenwoordiging en belangenbehartiging tussen de politieke partijen maakt het moeilijk om brede politiek te bedrijven waarin solidariteit centraal staat.
Als we het hebben over oplossingen voor milieuvervuiling, vervallen we al snel in kortetermijnoplossingen. Denk hier aan de nog te bouwen kolencentrales. De uitstoot van deze kolencentrales wordt netjes onder de grond opgeborgen, zonder dat we weten wat de langetermijngevolgen hiervan zijn. Jammer, want juist bij milieuvraagstukken is het belangrijk dat we verder kijken dan de effecten op korte termijn. Dat we verder kijken dan “wij” als in degene die nu hier rondlopen en “wij” als Nederlanders.
Laten we de oplossing van het probleem breed benaderen en vooruit kijken. Waar staan wij als toekomstige wereldburgers over 10, 20 of 30 jaar? Deze vraag kan alleen beantwoord worden als er bij ons en binnen de politiek een breed bewustzijn bestaat. Solidariteit waarbinnen aandacht bestaat voor de medemensen, toekomstige generaties en het milieu!
Bij integratie vinden we het belangrijk dat de verschillende bevolkingsgroepen nader tot elkaar komen. Dit zouden we het beste kunnen realiseren door minderheidsgroeperingen te laten aanpassen aan de meerderheid. Allochtonen moeten de Nederlandse taal leren, zonder dat er wordt gekeken naar de mogelijkheden van allochtonen binnen onze samenleving en of de kennis van de Nederlandse taal werkelijk een praktisch nut heeft. Moslima`s mogen geen hoofddoek dragen want dat vinden we te confronterend en homo`s moeten zich het liefst niet te openlijk uiten op straat. Binnen het integratiedebat en te vormen beleid houdt men zich vooral bezig met symptoombestrijding, zonder dat er aandacht bestaat voor wat het werkelijke probleem is. Ook hier geld dat dit probleem pas kan worden opgelost als er bij ons en binnen de Nederlandse politiek een besef bestaat over de identiteit van de verschillende groepen binnen de samenleving. Over de achtergrond en problemen die iedere groep specifiek kenmerkt. Solidariteit waarin de groepsidentiteit wordt erkend, specifieke problemen worden herkend en waarbinnen een bereidheid bestaat om de problemen gezamenlijk op te lossen.
Dan als laatste voorbeeld het zorg en welzijnsbeleid. Het mag duidelijk zijn dat binnen de zorg en welzijn eigen verantwoordelijkheid steeds belangrijker is geworden. Alleen jij als individu kan weten wat jij aan zorg nodig hebt. Maar, is dit werkelijk het geval? Verder, weet iedereen even goed hoe en waar de benodigde zorg te vinden is?
Ook hier geld dat het ontbreekt aan een brede visie. Aan aandacht voor de groepen in de samenleving die buiten het vizier van de overheid of zorg en welzijnsinstellingen vallen doordat deze groepen zich niet binnen de reguliere instanties vertegenwoordigd weten of niet via de reguliere informatiekanalen te bereiken zijn.
Ook hier wil ik pleiten voor solidariteit met een bewustzijn voor de sociaal zwakkere groepen en een bereidheid om deze groepen op te zoeken en zo hun zorgvraag te beantwoorden.
Wat ik mis in de hedendaagse politiek is politiek die de verschillen binnen de samenleving overstijgt en waar toenadering wordt gezocht. Een politieke koers waarbinnen we ons niet blindstaren op individuele vrijheid of eigen verantwoordelijkheid, maar waar ook ruimte bestaat voor solidariteit waarbinnen iedereen is verzekerd van een basis die echt iedereen vrijheid biedt.
Lieve DWARS –ers, een gelukkig 2008!