Over anderhalve week is het DWARScongres. Een moment om naar uit te kijken en naartoe te leven, vooral als je in het bestuur zit. Voor mij wordt het een bijzonder congres omdat ik aftreed en dit mijn laatste congres zal zijn als bestuurslid. Daar heb ik een dubbel gevoel over. Het is goed om aan iets nieuws te beginnen, maar ik ga DWARS ook ontzettend missen. Veel herken ik wel van Stevens verhaal.
Op dit moment levert het DWARScongres ook nog veel stress op. In de laatste weken moet er altijd nog van alles geregeld worden. Er moet een congresreader in elkaar worden gezet en die moet er logisch uitzien en alle relevante stukken bevatten. Die stukken moeten soms op het laatste moment nog worden geschreven of worden aangepast. En dan natuurlijk nog de zorgen of alles wel goed zal verlopen. Zijn er wel voldoende goede en leuke kandidaten voor het nieuwe bestuur? Komen er wel genoeg mensen? En komen er ook nieuwe leden? Is het programma niet te vol en loopt het niet uit? Is het programma wel interessant? Is de lokatie echt wel geschikt? Worden de moties en wijzigingen waar iedereen zo hard aan heeft gewerkt wel aangenomen? Zullen de leden uiteindelijk wel met plezier terugkijken op het weekend?
Gelukkig lig ik niet wakker van al die vragen. Het wordt mijn derde DWARScongres als bestuurslid. En dan weet je inmiddels wel een beetje hoe het gaat. Tot op het laatste moment blijven zaken onduidelijk, vraag je je af of het wel goed komt, maar uiteindelijk komt alles op zijn pootjes terecht. En dat zal ook nu weer het geval zijn. Nog anderhalve week aanpoten en dan zit het er weer op.