Afgelopen zaterdag stond er twee interessante stukken in de Volkskrant. Michel Klijmee blogde reeds over hoe we de CO2-uitstoot kunnen verminderen, maar het andere onderwerp vond ik persoonlijk interessanter. In dit artikel kwamen vier deskundigen op het gebied van mobiliteit en ruimtelijke ordening aan het woord en dat waren zeker niet de kleinste uit het vakgebied. Waar ze voor pleiten: we moeten anders gaan denken over ruimtelijke ordening in combinatie met mobiliteit. Twee terreinen die nu nog teveel los worden gezien, waarvoor het programma Ruimte & Mobiliteit is opgestart.
Als stelregel bij mobiliteit moet je uitgaan van de wet van BREVER (Behoud REistijd VERplaatsing). Dit principe gaat uit dat een persoon gemiddeld drie kwartier tot een uur onderweg wil zijn. Dit is een tijdsperiode waarbij de forens zich prettig bij voelt. Dus wanneer een probleem als een file opgelost is, heeft dit tot gevolg dat de mensen op termijn verder weg gaan wonen, aangezien de reistijd dit toestaat. Er kan dan wel geconcentreerd gebouwd worden, maar mensen willen toch dat uur reizen. Slimmer is dan om concentraties van wonen en werken op locaties te bouwen die met het openbaar vervoer een uur van elkaar afliggen. De gemiddelde snelheid van het OV is de afgelopen eeuw constant gebleven (HSL uitgezonderd).
Daarnaast zijn ook alternatieven voor de auto te bedenken. Zo werd in de Volkskrant ook gepleit voor het terugbrengen van de snelheid op de A10-West (bij Amsterdam) tot 50 kilometer per uur. De reistijd duurt 2 minuten langer, maar is betrouwbaarder en geeft minder uitstoot van schadelijke gassen. Daarnaast kan de ruimte veel efficiënter benut worden. Zie bijvoorbeeld ook Sijtwende in Leidschendam, waar de provinciale weg door een tunnel is gelegd en aan de zijkanten woningbouw is gebouwd.
Francine Houben van Mecanoo Architecten heeft ook al veel visies ontwikkeld over hoe je de snelweg als kans kan zien in plaats van bedreiging (drive-in supermarkten e.d.). Dit kan zeer ruimte-efficiënt werken, maar voordat deze ideeën realiteit kunnen worden, zal je eerst nog altijd iets moeten doen aan de uitstoot van CO2, fijn stof en alle andere gassen. Anders is het ook niet prettig leven in een dergelijke omgeving.