Ingediend door Socrates op Wo, 21/05/2008 - 15:13.
Uw aller reactie, graag, op de volgende stellingen/vragen:
1. De eerste generatie biobrandstoffen is foute boel en de EU-richtlijn om 10% bij te mengen moet dan ook in de prullenbak.
2. Waaraan moet de 2e generatie voldoen om goed of acceptabel, noem het ‘duurzaam’, te zijn?
3. In de discussie over biobrandstoffen moeten we niet vanuit een utopie redeneren (bijv. ‘liever geen mobiliteit dan je tank vullen met vloeibaar voedsel’), maar vanuit de realiteit (bijv. ‘liever beetje milieuwinst door te rijden op hernieuwbare grondstoffen i.p.v. op olie’).
Ik zou je 3de stelling willen omdraaien, want het is een utopie om de grote milieuproblemen te stoppen of af te remmen zonder dat dat ten koste gaat van andere milieuproblemen of grote voedseltekorten. Als je alle auto's die nu op benzine rijden op bio brandstofffen laat rijden, zal dat mogelijk leiden tot kap van veel oerwouden, verhoging van voedselprijzen en misschien wel een echt voedseltekort (ipv het verdelings- en vleesprobleem wat nu speelt bij voedseltekorten. Het is dus een utopie om de problemen op te lossen met een tank op biobrandstoffen en dus realistisch om te kiezen voor minder of andere, collectievere manieren van vervoer.
Dus laten we wat minder utopisch vertrouwen op "schone" auto's en meer inzetten op autotje pesten
Gister las ik een bericht dat de Vlaamse minister van Verkeer, het Vlaamse busbedrijf de Lijn heeft opgedragen geen biodiesel meer te gebruiken.
"Gegeven alle berichten en rapporten over de negatieve impact van de biobrandstoffenmarkt op de voedselprijzen en het milieu en de afwezigheid van duidelijke duurzaamheidscriteria die bovendien afdwingbaar en herkenbaar (certificaten), heeft minister Van Brempt beslist tot nader order het gebruik van biodiesel te schrappen".
Om nu te zeggen dat de eerste generatie totaal foute boel is wil ik niet zeggen, maar uit verschillende onderzoeken blijkt wel dat het behoorlijke neven effecten heeft. Het heeft natuurlijk niet de voorkeur om het probleem te verschuiven.
Biofuels zijn onder heel veel mitsen en maren soms een goed idee. Op de manier waarop het echter door de Europese richtlijn wordt voorgesteld is het echter een ramp. Nu al is er een duidelijk effect te merken op de voedsel markt laat staan als we 10% gaan bijmengen. Dit moet van tafel want grootschalige verdringing van voedselproductie is niet iets wat we er op het ogenblik bij kunnen hebben.
Ook zogenaamde tweede generatie brandstoffen moeten tegengehouden worden als ze landbouw of tropisch regenwoud verdringen. De belangrijkste criteria lijken mij dat ze niet concurreren met ander grondgebruik of watergebruik. Het mag ook geen vorm van rooflandbouw zijn waar nu nog oncultiveerbaar land wordt uitgeleefd en achtergelaten als een woestijn. Ook moeten ze niet een systeem steunen dat gericht is op handel en waar de lokale bevolking niet de voordelen van ondervindt. Daardoor kun je het huidige gebruik van jatropha ook niet goedkeuren. Eerste of tweede generatie gaat niet om de vraag of je het kunt eten of niet maar om de vraag of het op een manier die veel CO2 reductie oplevert zonder dat je de hele aarde moet omspitten. Mijn betoog komt er op neer dat je biofuels mag gebruiken als het geen grootschalige monocultuur oplevert die gericht is op de export. De zogenaamde agrofuels. Daar valt dus erg weinig onder dat wij hier in Nederland zouden kunnen gebruiken.
De derde stelling klinkt mij erg fout in de oren. Hij klinkt voor mij aldus: We kunnen niet groen en sociaal samen hebben. Voor een beetje groene winst moeten we hongersnood en een kapitalistisch voedselsysteem gewoon accepteren. De "realiteit" in deze zin lijkt te zijn dat voor ons klimaatverandering gaat om de economische schade aan de Nederlandse economie in plaats van de wereldweide hongersnood die het zal veroorzaken. Als je je meer zorgen maakt om dat laatste effect van klimaatverandering dan moet je in de bestrijding ervan ook rekening houden met landbouwbeleid.
Beste mensen, we worden met zijn allen voor de gek gehouden, de oplossing voor een groene maatschappij is Hennep. Dit wordt alleen op alle mogelijke manieren tegengehouden om ons in de richting te dwingen van door het kapitaal controleerbare oplossingen (tweede generatie )en het gebruik van gewassen die te patenteren zijn door b.v. Monsanto (zie Wikipedia).Hennep valt niet te patenteren of te claimen. Je kunt heel eenvoudig zelf Hennep zaad maken, vandaar. Ik kan dat allemaal nog beter uitleggen, maar dat is nu niet aan de orde.
Ik was laatst op een hoorzitting over Biobrandstoffen in de tweede kamer. Daar werd door een aantal deskundigen interessant moeilijk gedaan over biobrandstoffen gebaseerd op Mais, soja, olifant gras e.d. Op mijn vraag of ook gekeken was naar Hennep werd lacherig ontkennend "tuurlijk niet", geantwoord. Op mijn vraag waarom niet, werd na lang aandringen geantwoord dat niet viel uit te sluiten dat ergens op een veld Hennep planten konden groeien met een hoger THC percentage dan de toegestane 0,3% Op mijn opmerking dat de Cannabis wereld daar totaal niet in is geïnteresseerd want daar werkt men met planten die 60- 80 keer sterker zijn kwam verder geen antwoord. Hennep is geen concurrent van voedingsgewassen, kan verbouwd worden op grond die te droog, te nat of te arm is. Hennep heeft geen bestrijdingsmiddelen nodig en nauwelijks mest. Je kunt er 10.000 producten van maken, bio afbreekbaar plastic, biobrandstof, voedsel, dierenvoeding etc. Hennep is de grootste omzetter van co2 etc. Dus als we echt een groene maatschappij willen in de toekomst dienen we met een open oog naar Hennep te kijken en op te houden met getut over wiet.
Ik heb veel twijfels over de eerste en tweede generatie biobrandstoffen. Het kappen van oerwouden voor meer landbouwgrond, het aanspreken van de voedselvoorraden voor de productie van de biobrandstoffen, de afvalstromen die worden veroorzaakt. Voor zover ik kan overzien, naar wat ik weet over biobrandstoffen, bestaan er momenteel nog zoveel nadelen dat ik niet kan inzien hoe deze brandstoffen een dusdanige positieve invloed kunnen hebben dat het milieu er ook echt op vooruit zal gaan.
Of we dan moeten inleveren op onze richtlijnen, voornemens, e.d. We kunnen het ons simpelweg niet veroorloven om met de rem erop te werken aan het verminderen van onze negatieve invloed op het milieu. Als je alleen al kijk naar de documentaire twee weken geleden over het methaangas dat langzaam begint vrij te komen is het dringender dan ooit dat we gaan werken aan realistische oplossingen.